Begeleiding

Voor leerlingen die dat nodig hebben is er de mogelijkheid om op allerlei manieren extra ondersteund te worden. 

Ex-ISK-leerlingen

Op het Edith Stein College begeleiden we anderstalige leerlingen in de afdeling Internationale Schakelklassen (ISK). Op het ISK krijgen leerlingen extra taalondersteuning. De leerlingen die na hun tijd in de schakelklassen doorstromen in onze reguliere klassen worden nauw gemonitord door mentoren en coaches. Doel van deze extra inspanning en facilitering is om de taalbeheersing van deze groep leerlingen te stimuleren en geen belemmering voor een succesvolle voortzetting van hun schoolcarrière op het Edith Stein te laten zijn.

Examenkandidaten

In het examenjaar dagen wij leerlingen uit om het beste van zichzelf te laten zien. Deze kans krijgen zij bij het maken van hun profielwerkstuk – waarin hun nieuwsgierigheid en onderzoeksvaardigheden centraal staan – en natuurlijk ook bij het maken van de laatste, zwaarwegende onderdelen van hun schoolexamen en het centraal eindexamen. Naast onze reguliere lessen, organiseren wij op het Edith Stein College vlak voor de meivakantie een Pre-Examweek: een voorbereidingsweek op het eindexamen waarin we leerlingen op individuele basis maatwerk bieden en ondersteunen. In deze Pre-Examweek organiseren wij tevens activiteiten die de onderlinge solidariteit binnen de groep examenkandidaten bevorderen en bijdragen aan het vertrouwen en de motivatie van de leerlingen richting het centraal eindexamen. Voor deze activiteiten wordt externe expertise ingekocht. 

Examenkandidaten die zich gedurende het reguliere schooljaar zichtbaar ingezet hebben tijdens de lessen – blijkend uit een aanwezigheidspercentage boven de 90% en een positieve werkhouding – kunnen bovendien, indien de resultaten van het Schoolexamen daar aanleiding voor geven, gebruik maken van een examentraining in de meivakantie. Deze training wordt verzorgd door een betrouwbare, professionele externe organisatie, wordt gefinancierd door het Edith Stein College en heeft het doel om leerlingen met specifieke vakdeficiënties een grotere slagingskans te bieden. Leerlingen die in aanmerking komen voor deze extra ondersteuning tijdens de meivakantie worden hiervoor benaderd door hun mentor.

Huiswerkbegeleiding

Onder toezicht kunnen de leerlingen hun huiswerk maken op het leerplein. Op het leerplein is een KlasseStudent aanwezig om hen hierbij te begeleiden. Voor de leerlingen die thuis geen geschikte plek hebben om huiswerk te maken kan dit een uitkomst zijn. 

Lyceo
De brugklassers (klas 1) kunnen meedoen met de Lyceo huiswerkbegeleiding. 

RT 

Sommige leerlingen hebben heel speciale problemen met leren. Zij kunnen samen met onze orthopedagoge, mevrouw Vogels, onderzoeken wat er precies aan de hand is. Daarna kan een, meestal kort, begeleidingstraject ervoor zorgen dat de leerlingen zelf goed om kunnen gaan met hun leerprobleem. 

Vogels, T.

Decanen

De schooldecanen, mevrouw Nandoe (mavo) en mevrouw Meesman (havo/ vwo) en mevrouw Westendorp (3m, 3h, 3v) verstrekken informatie en begeleiden de leerlingen bij het keuzeproces voor studierichtingen, profielen, sectoren en vervolgopleidingen. Bovendien krijgen alle leerlingen aan het eind van het tweede leerjaar een advies voor hun verdere loopbaan op school. Dit advies wordt gegeven door de docenten en de decanen.

Nandoe, S.
Meesman, D.
Westendorp, J.

Nieuw artikel

Tekst van het artikel

Leerlingbegeleiding

School heeft een leerlingbegeleidingsteam bestaande uit mevrouw Vogels, mevrouw Kalender, mevrouw Rijsdijk en meneer van der Laan.
Voor de leerlingen die daarnaast extra zorg nodig hebben wordt de school ondersteund door de consulent van het samenwerkingsverband en de SMW'er. 

De coördinator Passend Onderwijs, SMW'er en de consulent hebben iedere twee weken overleg. Er wordt advies en consultatie gegeven aan de school met betrekking tot zaken die te maken hebben met passend onderwijs en de jeugdhulp van het Centrum Jeugd en Gezin. Zij werken onder de verantwoordelijkheid van leerlingen aan het eind van het tweede leerjaar een advies voor hun verdere loopbaan op school. Dit advies wordt gegeven door de docenten en de decanen. 

Daarnaast wordt er nauw samengewerkt met de leerplichtambtenaar, schoolarts, schoolverpleegkundige, gedragsdeskundige van onderwijs en jeugdzorg en de wijkagent. 

Vertrouwenspersonen 

Soms voelt een leerling(e) zich bedreigd en/of niet veilig op school doordat er bepaalde dingen gebeurd zijn. Met een klacht kunnen leerlingen terecht bij de mentor of bij de contactpersoon vertrouwenspersoon. Deze zal er alles aan doen om de leerling weer een gevoel van veiligheid te geven. De contactpersoon vertrouwenspersoon voor leerlingen binnen het Edith Stein College is mevrouw T. Vogels. De heer J. van der Laan is de contactpersoon voor onze medewerkers.

Vogels, T.
Laan van der, J.

Organisatie zorg

De zorg aan leerlingen is onderverdeeld in 4 fases. De afdelingsleiders worden verantwoordelijk gesteld voor de leerlingbesprekingen met de mentor. Wanneer er tijdens een bespreking naar voren komt dat er meer ondersteuning nodig is, wordt het zorgteam ingeschakeld.

Tijdens de leerlingbespreking wordt er besproken hoe het gaat met de individuele leerling in de klas, gedrag, welbevinden, cijfers en aanwezigheid, betrokkenheid van ouders en eventueel externen. Naast de individuele leerlingen wordt ook het groepsproces besproken en hoe dit gaat bij de verschillende docenten. De coördinator ondersteunt de mentor en helpt de grenzen aan te geven. 

Leerlingbesprekingen dienen ertoe om de (nieuwe) fase waarin de ll. zich bevindt vast te stellen, een actieplan te maken of een eerder gemaakt actieplan te toetsen en eventueel bij te stellen. Hierbij is de afdelingsleider de procesbewaker. De mentor is verantwoordelijk voor het maken en volgen van het actieplan en het registreren van informatie over de ll. Ook is de mentor verantwoordelijk om de ouders bij het vaststellen van het actieplan te betrekken.

FASE 1 BASISFASE:

De mentor bewaakt het proces. De mentor heeft individuele (kennismakings-)gesprekjes met de leerling. Opvallende leerlingen (gedrag of naar aanleiding van achtergrondinfo) verdienen voorrang bij het kennismakingsgesprek. Indien er bijzonderheden zijn worden ook de ouders uitgenodigd voor een gesprek. Hierbij kan je denken aan:

  • Medische aandoeningen;
  • Een opvallende thuissituatie;
  • Afspraken die in het jaar ervoor gemaakt zijn voortzetten.

Registratie in Magister:

  • Bij de brugklassen wordt gebruik gemaakt van het leerlingprofiel om algemene informatie in kwijt te kunnen. In andere klassen kan dit aangevuld worden.
  • Oudercontacten bij notities.
  • Medische informatie: bij medisch. Informatie die bekend is bij aanmelding staat hier als het goed is al genoteerd. Er staat dan een sterretje achter.
  • De mentor of coach heeft leerlingbesprekingen met de afdelingsleider. Zij ondersteunen, geven tips en adviezen en bepalen of er meer ondersteuning nodig is. Ook het docententeam wordt betrokken.

Fase 3 individuele (interne) basis ondersteuning 

Wanneer de ondersteuning in fase 2 onvoldoende is, kan er naast de afspraken die er gemaakt zijn individuele ondersteuning geboden worden. Op basis van een uitgebreide analyse door betrokkene uit het zorgteam wordt in overleg met de coördinator passend onderwijs bepaald welke hulp ingezet gaat worden. 

Bij twijfel wordt het in het zorgteam of in het JES-overleg (consulent, SMW, coördinator) besproken. Te denken valt aan inzet individuele counseling, pluscoach, Onderwijs jeugdzorg, plusmaatje en SMW. Ouders en leerling worden hierbij betrokken. 

Registratie in Magister: 

“Deelname begeleiding” in het logboek. Ook dit is zichtbaar in het kwadrant. 

FASE 2 GEZAMENLIJKE AANPAK:

    Wanneer de basisaanpak onvoldoende oplevert kan het zorgteam ondersteuning bieden. Afdelingsleider en mentor leggen de ondersteuningsvraag in ieder geval ook per mail neer bij het zorgteam. Binnen het zorgteam wordt bepaald wie de ondersteuning kan bieden. Bij ondersteuning kan je denken aan:

    • Aansluiten bij een oudergesprek.
    • VPI-vragenlijst invullen samen met de mentor.
    • Een observatie in de klas om gedrag te verduidelijken. Het kan gaan om werkhouding, taakgerichtheid, communicatie tussen leerling en docent, tussen leerlingen of opvallend gedrag van een leerling wanneer er bijvoorbeeld gedacht wordt aan autisme of ADD.
    • Hulp bieden bij het maken van een actieplan.
    • Begeleiden van mentor/docent
    • Nadat de stappen in fase 1 zijn gezet kan je direct aankloppen bij:
    • Extreem en opvallend verzuim: naar VGL
    • Medische zaken waar de schoolarts bij betrokken moet worden: via VGL
    • Rouw en verlies en faalangst: KNR
    • Dyslexie en andere leerproblemen: VGL
    • Pesten/incidenten: VDL
    • Migratieproblematiek: KNR


    Registratie in Magister: 

    De gezamenlijke aanpak komt in het actieplan in het logboek, zodat het zichtbaar is in het kwadrant. Acties worden met de leerling samen besproken en opgesteld. Ouders worden op de hoogte gesteld van de begeleiding. 

    Fase 4 Intensieve (externe) extra ondersteuning en diepteondersteuning. 

    De basiszorg voldoet niet om een leerling voldoende te ondersteunen om hem/haar binnen school te houden. Het kan dan gaan om een extra ondersteuningsaanvraag of om plaatsing op een bovenschoolse voorziening (Flexcollege of rebound) of een cluster 2, 3 of 4 school (Diepteondersteuning). Samen met ouders en leerling wordt er gekeken wat nog mogelijk is en wat er ingezet moet worden. 

    Leerlingen worden altijd in het JES besproken met de consulent van het samenwerkingsverband en de schoolmaatschappelijk werker. De consulent adviseert ouders en school bij het aanvragen van extra ondersteuning. De coördinator passend onderwijs is verantwoordelijk.